t
0344 647 000
|

Tijdelijke vrijstelling bpm en mrb voor Oekraïners verlengd

Voorwaarden

Wie van de vrijstelling gebruik wil maken, moet zich schriftelijk melden bij de Belastingdienst. Degene die vrijstelling aanvraagt moet naam, adres in Oekraïne, het burgerservicenummer (bsn), het adres van de verblijfplaats in Nederland en het kenteken van de auto waarvoor de vrijstelling wordt gevraagd vermelden. Wie de vrijstelling al eerder heeft verkregen, hoeft deze niet te verlengen.

U dient uw verzoek te sturen naar:
Belastingdienst
CAP/Auto, Team vrijstellingsvergunningen
Postbus 90121
4800 RA Breda

Percentages

Naast de normbedragen bevat het overzicht ook de actuele percentages zorgverzekeringswet, werknemersverzekeringen en de premieloonsom ter bepaling van de grootte van een werkgever. 

Gebruikelijk loon, normbedrag maaltijd

Ook is onder meer het nieuwe gebruikelijk loon voor de dga in het overzicht te vinden, het normbedrag voor een verstrekte maaltijd en de normbedragen voor de vrijwilligersregeling. Het overzicht bevat ook een aantal normbedragen dat jaarlijks niet wijzigt, zoals het normbedrag voor vrijgestelde producten uit het eigen bedrijf.

Handig

Het overzicht met normbedragen en percentages is een handig naslagwerk. U kunt het overzicht hier downloaden.

Zzp’er of in loondienst?

De meeste platformwerkers in de EU, zoals taxichauffeurs, huishoudelijk personeel en voedselbezorgers, zijn formeel zelfstandig. Onder druk van een algoritme worden ze min of meer gedwongen bepaalde diensten of tarieven te hanteren. Ook kunnen ze via een app ontslagen worden. Dit gaat veranderen als het aan het Europese Parlement ligt. Platformwerkers gaan namelijk te maken krijgen met dezelfde regels en beperkingen als een werknemer in loondienst. 

Omgekeerde bewijslast

Nu nog moet een zzp’er die voor bijvoorbeeld Uber werkt en vindt dat hij eigenlijk werknemer is,  daarvoor zelf bewijs verzamelen voor de rechter. Straks wordt de bewijslast omgedraaid, in die zin dat het platform voortaan moet aanvoeren waarom de werkende wél zzp’er zou zijn. 

Wat staat er in het akkoord?

Er is sprake van loondienst als aan twee van de vijf indicatoren uit de Europese Richtlijn wordt voldaan. Te denken valt aan beperkte zeggenschap over werkuren en vergoedingen en het hanteren van gedragsregels.

De vijf indicatoren:

  • er is een maximumbedrag dat platformwerkers kunnen ontvangen;
  • er is toezicht op hun prestaties, ook langs elektronische weg;
  • er is controle over de verdeling of toewijzing van taken;
  • er is controle op de arbeidsvoorwaarden en beperkingen bij de keuze van de werktijden;
  • er zijn beperkingen qua vrijheid om het werk te organiseren en regels voor verschijning of gedrag.

Let op! Lidstaten kunnen uit hoofde van hun nationale recht nog andere indicatoren aan deze lijst toevoegen.

Verdere afspraken

In het akkoord zijn onder meer ook afspraken gemaakt over het gebruik van algoritmes. Ook mag een werkende niet langer ontslagen worden via de app. Daarnaast wordt in de wet ook geregeld dat platformwerkers straks inzage krijgen in de wijze waarop algoritmes de prijs van een opdracht bepalen en de klussen verdelen.

Gevolgen?

Een en ander kan wel betekenen dat de producten die platformwerkers bezorgen duurder worden omdat de platforms de loonkosten van de bezorgers – als er vaker sprake is van loondienst – wellicht doorberekenen in de prijs.

Definitief?

Volgens minister Van Gennip van SZW sluit de Europese aanpak van schijnzelfstandigheid goed aan bij de nationale plannen, waaronder het opheffen van het geldende handhavingsmoratorium per 1 januari 2025 en de nieuwe zzp-wetgeving.

Het Europees Parlement moet in april 2024 nog een laatste  keer hierover stemmen en daarna zal de wet over twee jaar in werking treden.

Arbeidsrelaties

Het kabinet vermoedt dat in te veel gevallen de inzet van zzp’ers niet in lijn is met wet- en regelgeving en dat sprake is van schijnzelfstandigheid. De beoordeling of sprake is van een arbeidsovereenkomst (werknemer) of een overeenkomst van opdracht (zzp’er) ligt in beginsel bij de opdrachtgever en de werkende. In de praktijk is dit een lastige beoordeling.

Herstel balans

Zowel in het handhavingsplan arbeidsrelaties 2023 als in de perspectiefnota zijn onder meer de al eerder door het kabinet aangekondigde drie lijnen opgenomen waarlangs het kabinet de balans wil herstellen:

  1. Een gelijker speelveld tussen werknemers en zelfstandigen;
  2. Verduidelijking van de regels omtrent de beoordeling van arbeidsrelaties en de introductie van een rechtsvermoeden;
  3. Verbetering van de handhaving op schijnzelfstandigheid en het opheffen van het handhavingsmoratorium per 1 januari 2025 via drie sporen:
    a. Actieve samenwerking met de markt;
    b. Specifieke aandacht voor risicovolle posten;
    c. Reguliere klantbehandeling.

Handhaving arbeidsrelaties in 2024

Constateert de Belastingdienst dat sprake is van een dienstbetrekking? Ook in 2024 legt de Belastingdienst alleen bij kwaadwillendheid correctieverplichtingen, naheffingsaanslagen en eventueel boetes op.

Het handhavingsmoratorium betekent dat de Belastingdienst in alle andere gevallen alleen een aanwijzing geeft, die u dan wel moet opvolgen. Meestal krijgt u drie maanden de tijd om de arbeidsrelatie als dienstbetrekking te verwerken in de loonaangifte. U kunt ook kijken of u de arbeidsrelatie anders vorm kunt geven, zodat sprake is van werken buiten dienstbetrekking. 

Handhavingsplan arbeidsrelaties 2024 en 2025

In het handhavingsplan arbeidsrelaties 2024 wordt de tranche voor 2024 ‘Op weg naar opheffing van het handhavingsmoratorium’ nader uitgewerkt. Nu de ambitie is om het handhavingsmoratorium per 1 januari 2025 op te heffen, zal het handhavingsplan 2025 waarschijnlijk als tranche ‘Handhaven zonder handhavingsmoratorium’ krijgen.

Aan de slag met de beoordeling van arbeidsrelaties

Met het opheffen van het handhavingsmoratorium per 1 januari 2025, zal de Belastingdienst vanaf die datum bij een onjuiste kwalificatie van een arbeidsrelatie zich niet meer beperken tot het geven van een aanwijzing. De Belastingdienst kan vanaf die datum in alle gevallen weer correctieverplichtingen en naheffingsaanslagen opleggen. In voorkomende gevallen kan vanaf 1 januari 2025 ook een boete worden opgelegd.

Tip! Het is verstandig om aan de slag te gaan met de beoordeling van uw verschillende arbeidsrelaties. Is er sprake van schijnzelfstandigheid binnen uw onderneming of van overeenkomsten van opdracht bij het werken met zzp’ers? Onze adviseurs helpen u graag bij deze in de praktijk lastige beoordeling.

Richtlijnen gevolgen voor omzetbelasting en inkomstenbelasting

De Belastingdienst heeft ook een memo gepubliceerd waarin richtlijnen zijn opgenomen voor medewerkers van de Belastingdienst over de verhouding tussen een aanwijzing in de loonbelasting en dat er sprake is van een dienstbetrekking tot de omzetbelasting en inkomstenbelasting. Grofweg komen die richtlijnen op het volgende neer:

  1. Als een opdrachtgever van de Belastingdienst een aanwijzing krijgt dat er sprake is van een dienstbetrekking, dan werkt dit in beginsel ook door naar de inkomstenbelasting. Daarbij is de kwalificatie in de inkomstenbelasting ook afhankelijk van de overige feiten en omstandigheden bij de opdrachtnemer. In beginsel onderneemt de Belastingdienst bij de opdrachtnemer geen actie op belastingjaren die liggen vóór het moment van de aanwijzing.
  2. Als een opdrachtgever van de Belastingdienst een aanwijzing krijgt dat er sprake is van een dienstbetrekking, dan kan dit ook gevolgen hebben voor de btw-positie van de opdrachtgever en de opdrachtnemer. De Belastingdienst gaat terughoudend om met het corrigeren van de btw-positie van de opdrachtgever en opdrachtnemer in de tijdvakken die liggen vóór het moment van de aanwijzing.