t
0344 647 000
|

Rente aflossingsvrije lening aftrekbaar na tijdelijk in huurwoning?

Overgangsrecht

Vanaf 2013 zijn de regels rond de aftrek van rente voor een eigen woning flink gewijzigd. Zo is onder meer bepaald dat de rente van aflossingsvrije leningen niet meer aftrekbaar is. De lening moet namelijk minimaal annuïtair in maximaal 360 maanden volledig afgeloste worden, wil er nog recht bestaan op renteaftrek. Wel is er overgangsrecht van toepassing voor op 31 december 2012 al bestaande gevallen. Voor die gevallen blijft de rente wel aftrekbaar.

Tijdelijk naar een huurwoning en door naar andere eigen woning

De Belastingdienst heeft aangegeven dat dit overgangsrecht en de renteaftrek niet herleeft in de volgende situatie.

Een belastingplichtige verhuist van een eigen woning, waarvoor hij vóór 2013 een aflossingsvrije lening afsloot, naar een huurwoning. Deze gaat hij permanent bewonen, terwijl hij de oude woning aanhoudt als vakantiewoning. De oude woning (inmiddels vakantiewoning) en de aflossingsvrije lening gaan hierdoor over naar box 3. Na een jaar koopt hij een nieuwe eigen woning, waarvoor hij een aflossingsvrije lening aangaat. Hij verhuist onmiddellijk naar deze nieuwe woning. 
De Belastingdienst geeft aan dat de rente voor de nieuwe eigen woning niet aftrekbaar is. Door de overgang van de oude woning naar box 3 is namelijk het overgangsrecht beëindigd. Dit overgangsrecht herleeft niet voor de nieuwe eigen woning. 

Tijdelijk naar een huurwoning en terug naar oorspronkelijke eigen woning

Dit is anders als de belastingplichtige terugverhuist naar zijn oorspronkelijke eigen woning. In 2023 gaf de Belastingdienst namelijk aan dat het overgangsrecht en de renteaftrek namelijk in de volgende situatie wel herleeft.

Een belastingplichtige verhuist van een eigen woning, waarvoor hij vóór 2013 een aflossingsvrije lening afsloot, naar een huurwoning. Deze gaat hij permanent bewonen, terwijl hij de oude woning aanhoudt als vakantiewoning. De oude woning (inmiddels vakantiewoning) en de aflossingsvrije woning gaan hierdoor over naar box 3. Na enkele jaren verhuist hij weer terug naar de oude eigen woning en gaat hier permanent wonen.

De Belastingdienst geeft aan dat de rente voor de (oude) eigen woning vanaf dat moment weer aftrekbaar is. In deze situatie herleeft het overgangsrecht, omdat de oorspronkelijke eigen woning met de oorspronkelijke aflossingsvrije lening weer terugkeren in box 1.

Let op! De regels rondom de eigen woning zijn behoorlijk ingewikkeld, zeker bij verhuis- en echtscheidingssituaties. Neem voor je eigen situatie daarom altijd contact op met onze adviseurs.

Overgangsrecht

Vanaf 2013 zijn de regels rond de aftrek van rente voor een eigen woning flink gewijzigd. Zo is onder meer bepaald dat de rente van aflossingsvrije leningen niet meer aftrekbaar is. De lening moet namelijk minimaal annuïtair in maximaal 360 maanden volledig afgeloste worden, wil er nog recht bestaan op renteaftrek. Wel is er overgangsrecht van toepassing voor op 31 december 2012 al bestaande gevallen. Voor die gevallen blijft de rente wel aftrekbaar.

Tijdelijk naar een huurwoning en door naar andere eigen woning

De Belastingdienst heeft aangegeven dat dit overgangsrecht en de renteaftrek niet herleeft in de volgende situatie.

Een belastingplichtige verhuist van een eigen woning, waarvoor hij vóór 2013 een aflossingsvrije lening afsloot, naar een huurwoning. Deze gaat hij permanent bewonen, terwijl hij de oude woning aanhoudt als vakantiewoning. De oude woning (inmiddels vakantiewoning) en de aflossingsvrije lening gaan hierdoor over naar box 3. Na een jaar koopt hij een nieuwe eigen woning, waarvoor hij een aflossingsvrije lening aangaat. Hij verhuist onmiddellijk naar deze nieuwe woning. 
De Belastingdienst geeft aan dat de rente voor de nieuwe eigen woning niet aftrekbaar is. Door de overgang van de oude woning naar box 3 is namelijk het overgangsrecht beëindigd. Dit overgangsrecht herleeft niet voor de nieuwe eigen woning. 

Tijdelijk naar een huurwoning en terug naar oorspronkelijke eigen woning

Dit is anders als de belastingplichtige terugverhuist naar zijn oorspronkelijke eigen woning. In 2023 gaf de Belastingdienst namelijk aan dat het overgangsrecht en de renteaftrek namelijk in de volgende situatie wel herleeft.

Een belastingplichtige verhuist van een eigen woning, waarvoor hij vóór 2013 een aflossingsvrije lening afsloot, naar een huurwoning. Deze gaat hij permanent bewonen, terwijl hij de oude woning aanhoudt als vakantiewoning. De oude woning (inmiddels vakantiewoning) en de aflossingsvrije woning gaan hierdoor over naar box 3. Na enkele jaren verhuist hij weer terug naar de oude eigen woning en gaat hier permanent wonen.

De Belastingdienst geeft aan dat de rente voor de (oude) eigen woning vanaf dat moment weer aftrekbaar is. In deze situatie herleeft het overgangsrecht, omdat de oorspronkelijke eigen woning met de oorspronkelijke aflossingsvrije lening weer terugkeren in box 1.

Let op! De regels rondom de eigen woning zijn behoorlijk ingewikkeld, zeker bij verhuis- en echtscheidingssituaties. Neem voor je eigen situatie daarom altijd contact op met onze adviseurs.

Aftrek zorgkosten

Zorgkosten die niet worden gedekt door de verzekering zijn, onder voorwaarden, aftrekbaar van uw inkomen. Niet alle zorgkosten zijn aftrekbaar, ook geldt er een drempel, wat betekent dat u een bepaald deel van uw zorgkosten niet in aftrek kunt brengen. Hoe hoger uw inkomen, hoe hoger ook de drempel. Verder kunt u zorgkosten slechts aftrekken tegen maximaal 37,56% (2026). 

Tip! De Belastingdienst heeft alle regels over aftrek zorgkosten handig op een rij gezet.

Gevluchte studente

Voor de rechtbank Zeeland-West-Brabant kwam de vraag aan de orde of een uit Iran gevluchte studente haar zorgkosten kon aftrekken. De studente verbleef heel 2020 in Nederland, maar had pas in juni van dat jaar een zorgverzekering afgesloten. De discussie spitste zich toe op de vraag of ook de zorgkosten die vóór juni 2020 gemaakt waren, aftrekbaar waren.

Verplicht verzekerd of niet?

Cruciaal was de vraag of de studente tot juni 2020 verplicht verzekerd was of niet. Zo kunnen ook rechtmatig in Nederland verblijvende vreemdelingen onder voorwaarden verzekerd zijn. De rechtbank was van mening dat de bewijslast voor het al dan niet verplicht verzekerd zijn bij de belastingplichtige lag, bij de studente dus.

Aanwijzingen onvoldoende

De studente slaagde er niet in aan te tonen dat ze vóór juni 2020 niet verplicht verzekerd behoorde te zijn. Ze woonde in heel 2020 in Nederland en werd als binnenlandse inwoner aangemerkt. Er waren weliswaar aanwijzingen dat zij mogelijk tot juni 2020 niet verplicht verzekerd was, maar dit vond de rechtbank onvoldoende.

Eerder afsluiten verzekering onmogelijk

De studente lichtte nog toe dat zij een internationale studente was, gevlucht was uit Iran en dat het daarom voor haar pas mogelijk was om een zorgverzekering af te sluiten toen zij in juni 2020 arbeid ging verrichten. Helaas vielen deze argumenten niet onder de bewijslast dat zij niet verzekerd behoorde te zijn. De aanwijzingen vond de rechtbank dan ook onvoldoende om te kunnen concluderen dat ze tot die tijd niet verzekeringsplichtig was. De aftrek van de zorgkosten van voor 20 juni 2020 werd dan ook niet toegestaan.

De Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) heeft hierover informatie op de website geplaatst.

Aflossingsvrije hypotheek

Bij een aflossingsvrije hypotheek lost de geldlener (over het algemeen de eigenaar van de woning waarop de hypotheek gevestigd is) de hypotheek niet af. Hij betaalt dus alleen de rente.

Voordeel

Een voordeel is dat hierdoor de maandelijkse lasten minder groot zijn dan bij een niet-aflossingsvrije hypotheek. In de huidige woningmarkt is een woning dan eerder betaalbaar.

Risico’s

Een nadeel van een aflossingsvrije hypohteek is dat de hypothecaire schuld niet afneemt en dus bestaan. Dit brengt een risico met zich mee als de huizenprijzen dalen en de woning verkocht wordt. Het kan zijn dat er dan een restschuld bij de bank overblijft. Bovendien brengt dit het risico met zich mee dat er mogelijk geen nieuwe hypothecaire geldlening verstrekt wordt als de hypotheek afloopt. Dit kan zich voordoen als er op dat moment onvoldoende inkomen is om een nieuwe hypotheek af te sluiten.

Renteaftrek beperkt

Een ander belangrijk nadeel is dat de rente van aflossingsvrije hypotheken die vanaf 1 januari 2013 zijn afgesloten, niet fiscaal aftrekbaar is. Daardoor kunnen de lasten van een dergelijke hypotheek een stuk hoger zijn dan die van niet-aflossingsvrije hypotheken.

Let op!Aflossingsvrije hypotheken komen naar verwachting dan ook vooral voor bij hypotheken van vóór 2013.

Waarschuwing toezichthouders

Toezichthouders waarschuwen dat er in Nederland te veel aflossingsvrije hypotheken worden verstrekt. Men is bang dat bij dalende huizenprijzen de bezitters van een aflossingsvrije hypotheek met een hoge schuld blijven zitten. Daarom hebben de banken de opdracht gekregen minder aflossingsvrije hypotheken te verkopen en bij hypotheken uitgebreider aandacht te besteden aan de financiële draagkracht van de geldlener.

Wat verandert er?

Een drietal banken heeft inmiddels besloten dat klanten nog maar maximaal 30% van hun hypothecaire geldlening aflossingsvrij mogen lenen. Bij de meeste andere banken is dit maximaal 50%. Ook moeten woningbezitters er rekening mee houden dat de banken meer informatie vragen over hun financiële positie. Banken zijn hiertoe verplicht.

Gevolgen voor personen met aflossingsvrije hypotheek

Voor degenen die nu al een aflossingsvrije hypotheek bezitten, verandert er in eerste instantie niets. Deze hypotheken worden gewoon voortgezet onder de afgesproken voorwaarden. Bij het aflopen van de hypotheek of bij het afsluiten van een nieuwe hypotheek (bijvoorbeeld bij een verhuizing), moet men er rekening mee houden dat wellicht een geringer deel van de hypotheek aflossingsvrije gefinancierd kan worden.

Tip! Maakt u zich nu al zorgen over uw aflossingsvrije hypotheek of toekomstige situatie, neem dan contact op met uw financiële adviseur of met uw bank.