t
0344 647 000
|

Beleg nog twee jaar groen in box 3

Vrijstelling groene beleggingen

Bedroeg deze vrijstelling per 1 januari 2024 nog maximaal € 71.251, per 1 januari 2025 bedraagt deze nog maar € 26.000 (vóór indexatie). Oorspronkelijk zou dit € 30.000 zijn, maar de Tweede Kamer heeft besloten dat dit nog verder verlaagd wordt naar € 26.000 (vóór indexatie) per 1 januari 2025.  

Heeft u een fiscale partner, dan bedraagt de vrijstelling voor u en uw partner gezamenlijk het dubbele, per 1 januari 2025 dus € 52.000 (vóór indexatie). 

Minderjarig kind

Ook een minderjarig kind heeft zelfstandig recht op deze vrijstelling. Het minderjarige kind moet daarvoor wel zelf aangifte inkomstenbelasting doen. Bezit uw kind meer aan groene beleggingen dan de vrijstelling, dan moet u dit meerdere aangeven in uw eigen aangifte. Voor dit deel bestaat dan geen vrijstelling meer.

Extra heffingskorting

Naast de vrijstelling in box 3 heeft u in 2024 ook nog recht op een heffingskorting van 0,7% van het op 1 januari vrijgestelde bedrag in box 3. Ook deze heffingskorting wordt verlaagd en wel naar 0,1% met ingang van 2025.

Let op! De Tweede Kamer heeft ook besloten dat de vrijstelling voor groene beleggingen en de heffingskorting voor groene beleggingen met ingang van 1 januari 2027 helemaal vervalt. U kunt dus alleen nog in 2025 en 2026 gebruikmaken van de vrijstelling en de heffingskorting.

U mag de vrijstelling voor groene spaartegoeden en beleggingen overigens eerst toerekenen aan de groene beleggingen en daarna aan de groene spaartegoeden. Dat scheelt weer nu er voor beleggingen een hoger forfait geldt dan voor spaartegoeden.

Let op! De vrijstelling geldt niet voor de vermogenstoets in de toeslagen. Groene beleggingen tellen dus voor de toeslagen volledig mee als vermogen.

Alleen elektrisch

Als een gemeente een zero-emissiezone invoert, betekent dit dat in dat gebied alleen elektrische trucks en bestelauto’s mogen rijden. Hierdoor wordt de CO2-uitstoot beperkt. Echter, nog lang niet alle ondernemers die zo’n zero-emissiezone normaal gesproken betreden, beschikken reeds over een elektrische truck of bestelauto, onder meer vanwege de aanschafkosten.

Met spoed nadere invulling

In de motie staat onder meer dat er vele soorten ontheffingen zijn, dat de uitvoering door gemeentes verschillend is, dat er nog onvoldoende oplaadpunten zijn en dat de prijs van een elektrische bedrijfsauto voor veel ondernemers te hoog is. De motie roept de regering daarom op om uiterlijk op 1 november 2024 aan te geven hoe invulling kan worden gegeven aan een landelijk gestandaardiseerde uitzondering van de zero-emissiezones.

Gemeentes liggen dwars

Inmiddels hebben 14 gemeentes al aangegeven per 1 januari 2025 toch zero-emissiezones in te voeren en de motie naast zich neer te leggen. Of degenen die zonder elektrische truck of bestelauto de zero-emissiezone toch binnenrijden dan beboet kunnen worden, is echter nog maar de vraag. Volgens deskundigen kan het kabinet namelijk een landelijke ontheffing instellen, zodat een boete niet aan de orde is. Het is nog onduidelijk of het kabinet hiertoe over gaat.

SPRILA Aanschaf en SPRILA Advies

De subsidieregeling Private Laadinfrastructuur bij bedrijven (SPRILA) bestaat uit twee onderdelen: SPRILA Aanschaf en SPRILA Advies:

  • SPRILA Aanschaf: subsidie voor een deel van de kosten voor de aanschaf en aanleg van de laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen op een niet altijd publiek toegankelijk eigen of gehuurd terrein. Het gaat om onder meer de basislaadinfrastructuur (inclusief hoofdaansluiting en bekabeling) en een of meer DC-laadstations en/of AC-laadstations met verschillende vermogens.
  • SPRILA Advies: subsidie voor de kosten van een na 1 april 2024 opgesteld advies over een laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen.

Ondernemers die in Nederland gevestigd zijn met een inschrijving in het handelsregister van de KvK kunnen in aanmerking komen voor de subsidie.

Tip! Heeft u recht op minimaal € 25.000 subsidie voor de laadinfrastructuur, dan komt u mogelijk ook in aanmerking voor subsidie voor een stationaire batterij. Aan deze batterij zijn wel voorwaarden verbonden.

Hoogte subsidie

De hoogte van de subsidie voor aanschaf is afhankelijk van het soort laadstation (AC of DC) in combinatie met het maximaal aan het elektrisch voertuig te leveren vermogen. Voor een mkb-ondernemer is de subsidie hoger dan voor een groot bedrijf. De hoogte van de subsidie voor advies is 50% van de kosten waarvoor u subsidie kunt krijgen, met een maximum van € 3.500.

Budgetten overtekend

De budgetten voor de onderdelen advies voor en aanleg van laadinfrastructuur voor DC-laadstations en investeringen in een stationaire batterij zijn al overtekend.

Tip! Voor OV-concessiehouders of touringcarbedrijven zijn deze onderdelen nog niet overtekend. Het lijkt wel verstandig om zo snel mogelijk een aanvraag te doen.

Advies en aanleg laadinfrastructuur voor AC-laadstations

Ook voor advies voor en aanleg van laadinfrastructuur voor AC-laadstations zijn er nog mogelijkheden. Op 4 oktober 2024 was er van het budget van € 17.900.000 tot een bedrag van € 2.016.357 subsidie aangevraagd.

Aanvraag achteraf voor SPRILA tot € 25.000

Komt u in aanmerking voor minder dan € 25.000 subsidie voor aanschaf, dan laat u eerst de laadinfrastructuur aanleggen en vraagt u daarna binnen 13 weken de subsidie aan. Aanvragen kan nog tot 31 december 2024 12.00 uur. Vraagt u subsidie aan voor een onderdeel wat al is overtekend, dan schuift uw aanvraag door en krijgt deze als datum van aanvraag de eerste dag van de aanvraagperiode van 2025.

Aanvraag vooraf

Is het subsidiebedrag € 25.000 of hoger, dan moet u subsidie aanvragen met een offerte. Maar let op, u mag dan nog geen opdracht gegeven hebben en de offerte dus nog niet getekend hebben. 
De subsidie voor advieskosten kunt u pas aanvragen nadat u het advies heeft ontvangen.

Salderingsregeling zonnepanelen

Levert u met uw zonnepanelen elektriciteit terug aan uw energieleverancier, dan zorgt de salderingsregeling ervoor dat deze elektriciteit eerst verrekend wordt met de elektriciteit die u afneemt van uw energieleverancier. Neemt u meer af dan dat u teruglevert, dan bent u over het meerdere de met uw energieleverancier afgesproken prijs per kWh verschuldigd. Levert u meer terug dan dat u afneemt, dan krijgt u over het meerdere de met uw energieleverancier afgesproken prijs per kWh.

Let op! Nagenoeg alle energieleveranciers brengen inmiddels terugleverkosten in rekening aan klanten die met zonnepanelen elektriciteit terugleveren.

Einde salderingsregeling per 2027

Het kabinet wil de salderingsregeling vanaf 2027 stoppen. U kun dan niet langer uw teruggeleverde elektriciteit verrekenen met de door u afgenomen elektriciteit. Uw energieleverancier moet u dan een vergoeding betalen voor de teruggeleverde elektriciteit. Hoe hoog die vergoeding is, is nog niet bekend. In het voorstel van het kabinet is wel opgenomen dat dit een redelijke vergoeding moet zijn.

Wat dan redelijk is, is niet gedefinieerd. In het voorstel is wel vastgelegd dat de vergoeding niet redelijk is indien die vergoeding onevenredig laag is gezien de kosten en baten van de marktdeelnemer en niet concurrerend is.

Geen energiebelasting over opgewekte meteen gebruikte elektriciteit

Het kabinet wil eigenaren van zonnepanelen stimuleren om zoveel mogelijk de opgewekte elektriciteit meteen zelf te gebruiken. Op die manier wordt het overbelaste elektriciteitsnet minder zwaar belast. Over opgewekte elektriciteit die meteen zelf gebruikt wordt, hoeft ook geen energiebelasting te worden betaald. Dat is nu al zo en blijft ook zo vanaf 2027.

Let op! Het voorstel is op Prinsjesdag 2024 ingediend en moet nog door de Tweede en Eerste Kamer worden goedgekeurd. Het is daarom nog niet definitief.