t
0344 647 000
|

Aanpassingen 12% pseudo-eindheffing fossiele personenauto’s

12% pseudo-eindheffing 

Een werkgever die een personenauto aan een werknemer ter beschikking stelt, ofwel een auto van de zaak, moet vanaf 2027 een pseudo-eindheffing aan de Belastingdienst betalen van 12% over de cataloguswaarde van de personenauto, inclusief btw en bpm. 

Let op!Deze heffing geldt ook voor de dga die een fossiele personenauto van de zaak rijdt. Een ondernemer met een eenmanszaak of in een vof zal voor zichzelf niet door de heffing geraakt worden, maar mogelijk krijgt hij wel te maken met de pseudo-eindheffing voor zijn personeel. 

Voorwaarden 

Voorwaarden voor de pseudo-eindheffing zijn dat de werkgever: 

  • een personenauto ter beschikking stelt aan een werknemer, 
  • die de werknemer ook privé mag gebruiken, en 
  • die een CO2-uitstoot heeft groter dan nul. 

Let op! Auto’s die geen personenauto zijn, bijvoorbeeld bestelbusjes, vallen straks niet onder de pseudo-eindheffing. Datzelfde geldt voor volledig elektrische en waterstof aangedreven personenauto’s. 

Uitsluitend zakelijk gebruik? 

Ook personenauto’s die uitsluitend zakelijk worden gebruikt, vallen straks niet onder de pseudo-eindheffing. Uitsluitend zakelijk gebruik zal echter niet snel voorkomen, omdat het woon-werkverkeer voor de pseudo-eindheffing niet zakelijk, maar privé is. 

Al pseudo-eindheffing vanaf één dag! 

De pseudo-eindheffing geldt voor de hele kalendermaand, ook als in die kalendermaand maar een of enkele dagen een fossiele personenauto aan een werknemer ter beschikking is gesteld. De pseudo-eindheffing geldt dan dus niet voor die ene of enkele dag(en), maar voor de hele maand! 

Aanpassingen

De praktijk heeft overlegd met het Ministerie van Financiën over knelpunten in de pseudo-eindheffing. Voor een aantal hiervan heeft de staatssecretaris aanpassingen aangekondigd

  • Zo geldt bij tijdelijke vervanging van een ‘vaste’ auto bij schade, reparatie, onderhoud of bandenwissel de pseudo-eindheffing straks niet voor de vervangende auto. Deze uitzondering geldt maximaal voor een periode van veertien aaneengesloten kalenderdagen. 
  • Verder komt er een vrijstelling van de pseudo-eindheffing voor de terbeschikkingstelling van een fossiele auto voor één periode van maximaal zeven aaneengesloten dagen per kalenderjaar. Deze vrijstelling vervalt per 1 januari 2031. 
  • Tot slot geldt de pseudo-eindheffing straks niet voor lesauto’s. 

Let op! Bij de evaluatie van de pseudo-eindheffing in 2030 zal beoordeeld worden of deze aanpassingen effectief en nog nodig zijn.  

Overgangsregeling verlengd naar 1 januari 2031 

Personenauto’s die al voor 1 januari 2027 ter beschikking zijn gesteld, krijgen niet meteen vanaf 1 januari 2027 te maken met de pseudo-eindheffing. Voor deze personenauto’s geldt een overgangsregeling. Deze zou oorspronkelijk lopen tot 17 september 2030, maar de staatssecretaris heeft aangekondigd deze te willen verlengen naar 1 januari 2031. Pas vanaf die datum kan een werkgever voor die personenauto met de pseudo-eindheffing te maken krijgen. 

Geen oplossing voor pseudo-eindheffing bij wisseling werkgever 

De pseudo-eindheffing zal er waarschijnlijk voor zorgen dat werkgevers vanaf 2027 de oude fossiele brandstofauto van nieuwe werknemers niet willen overnemen van de vorige werkgever. Op dat moment eindigt namelijk het overgangsrecht, omdat de auto door een andere werkgever (met een ander loonheffingennummer) ter beschikking wordt gesteld.  

Het kabinet heeft kennisgenomen van dit punt, maar wil hier geen aanpassingen op doen. Dit betekent dat de werknemer bij wisseling van werkgever waarschijnlijk vaak geconfronteerd zal worden met een afkoopsom van de leaseauto. 

Let op! Het overgangsrecht blijft wel van toepassing als de auto gedurende de overgangstermijn aan een andere werknemer ter beschikking wordt gesteld. 

Wel een oplossing bij fusies en overnames 

De staatssecretaris heeft aangegeven dat bij fusies en overnames, waarbij de nieuwe werkgever in de plaats treedt van de oude werkgever, wel een uitzondering mogelijk is. Hier is geen wettelijke aanpassing voor nodig, dit kan op grond van doel en strekking van de pseudo-eindheffing. Dit betekent dat als de nieuwe werkgever in de plaats treedt van de oude werkgever bij een fusie of overname, het overgangsrecht van toepassing blijft. 

Heffingsrecht in ander land 

Tot slot heeft de staatssecretaris nog uitleg gegeven over berekening van de pseudo-eindheffing als het heffingsrecht van een ter beschikking gestelde fossiele personenauto op grond van een belastingverdrag deels is toegewezen aan een ander land. In dat geval mag deze verdeling ook worden toegepast op de pseudo-eindheffing. 

Impact inclusiviteitstechnologie 

Met het gebruik van inclusiviteitstechnologie kunnen werknemers met een arbeidsbeperking hun toegang tot de arbeidsmarkt verbeteren. Door de subsidie worden de kosten voor de werkgever verlaagd en worden ze gestimuleerd deze technologieën in te zetten.  

Let op! Er is ook subsidie beschikbaar voor advisering over het gebruik van de technologie. Per aanvraag mag je van de subsidie hieraan maximaal € 1.000 besteden.  

Soorten technologieën 

Inclusiviteitstechnologie is op velerlei terreinen beschikbaar. Er bestaat een lijst met technologieën die zijn goedgekeurd voor de verkrijging van de subsidie. Er is ook een document met voorbeelden. 

De lijst bevat bijvoorbeeld een technologie waarmee een tablet of smartphone handsfree kan worden bediend en een technologie die de stem versterkt, wanneer dit bij een stemaandoening noodzakelijk is. 

Omvang subsidie 

Voor de subsidie is € 1 miljoen beschikbaar. Per aanvraag krijg je minimaal € 2.500 tot maximaal € 25.000 subsidie of maximaal de helft van de kosten die voor subsidie in aanmerking komen. 

Let op! De subsidie is alleen beschikbaar voor werkgevers in het mkb met maximaal 250 werknemers en een jaaromzet van maximaal € 50 miljoen. 

Aanvraagperiode verlengd 

De subsidie was oorspronkelijk beschikbaar tot 29 mei 2026, maar deze periode is verlengd tot 31 augustus 2026 17.00 uur. Zodoende heb je meer tijd om de mogelijkheden van inclusiviteitstechnologieën binnen je bedrijf na te gaan en de aanvraag goed voor te bereiden. De subsidie vereist onder meer dat je offertes meestuurt van de technologieën die je aan wilt schaffen en dat je omschrijft hoe een technologie je personeel met een arbeidsbeperking helpt. 

Let op!Aanvragen kan digitaal met eHerkenning minimaal niveau 3 via de volgende link.

Uitstel 

De Eerste Kamer stemde op 16 juni 2026 met het wetsvoorstel in. Het wetsvoorstel staat al vanaf 2021 op de rol. Oorspronkelijk was het plan om deze mogelijkheid per 1 januari 2023 in te laten gaan, maar de ingangsdatum is keer op keer uitgesteld. Uiteindelijk zal de wet met ingang 1 januari 2029 ingaan, dus na de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel. 

10% pensioen ineens 

Vanaf 1 januari 2029 krijgt een gepensioneerde de mogelijkheid om op de pensioeningangsdatum maximaal 10% van het opgebouwde pensioen in één keer uit te laten betalen. De gepensioneerde mag dit bedrag vrij besteden, er is dus geen verplicht bestedingsdoel. 

Tip! De mogelijkheid 10% ineens op te nemen komt ook beschikbaar voor lijfrentes. 

Rekentool 

Het maandelijkse pensioen wordt door de opname wel lager. Daarnaast kan de opname van een bedrag ineens gevolgen hebben voor het recht op toeslagen. Daarom komt er een rekentool beschikbaar die inzicht geeft in de gevolgen van het bedrag ineens voor toeslagen en belastingen. 

Aanleiding: situatie arbeidsmigranten

Met name bij arbeidsmigranten is niet altijd even duidelijk of ze het wettelijk minimumloon betaald hebben gekregen. Daarom werkt de regering een wetsvoorstel uit waarmee werknemers straks in die situatie alsnog het minimumloon uitgekeerd krijgen. Ook de bewijslast verschuift dan. De werkgever zal dan moeten bewijzen dat het minimumloon wel is uitbetaald. Nu ligt de bewijslast nog bij de werknemer of de Arbeidsinspectie. Zij moeten op dit moment nog bewijzen dat sprake is van betaling onder het wettelijk minimumloon.

Geen nabetaling mogelijk

De Arbeidsinspectie is de toezichthouder voor wat betreft de naleving van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag. Bij controles komt het voor dat de werkgever de benodigde gegevens niet kan of wil verstrekken. De Arbeidsinspectie kan dan niet nagaan of het minimumloon is betaald voor de gewerkte uren. De Arbeidsinspectie kan dan wel een boete van maximaal €12.000 per onderzochte werknemer opleggen maar daarmee ontvangen de werknemers nog niet het loon waar ze recht op hebben.

Omkering bewijslast

De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wil daarom een rechtsvermoeden van onderbetaling in de wet opnemen als er een vermoeden van onderbetaling is. De bewijslast wordt dan omgekeerd waardoor de werkgever moet bewijzen dat niet sprake is van onderbetaling.

Rechtsvermoeden: arbeidsinspectie

De Arbeidsinspectie mag, na invoering van het rechtsvermoeden, een fictieve onderbetaling van het loon berekenen, als het vermoeden bestaat dat werknemers te weinig betaald krijgen en de werkgever niet kan bewijzen dat geen sprake is van onderbetaling. Dit doet zich bijvoorbeeld voor als de werkgever de gevraagde administratie niet wil of kan tonen.

Let op!Genoemd rechtsvermoeden was één van de aanbevelingen van het Aanjaagteam bescherming arbeidsmigranten. Het aanjaagteam adviseerde ook bij een vermoeden van onderbetaling aan te nemen dat de werknemer gedurende zes maanden voor 36 uur per week tegen een vergoeding van het minimumloon heeft gewerkt. 

Rechtsvermoeden: rechter

Verder moet de werkgever straks bij de rechter bewijzen dat het wettelijk minimumloon wel is betaald. Nu ligt deze bewijslast nog bij de werknemer. Bewijslast betekent ook vaak bewijsrisico. Het is lastig voor werknemers om aan te tonen dat er sprake is van onderbetaling. Zeker wanneer de werknemer geen documenten kan laten zien, omdat deze ontbreken. Bovendien speelt de sterke afhankelijkheidspositie die werknemers ten opzichte van hun werkgever hebben een rol. Ze zijn niet snel geneigd om een procedure te starten. Vaak zijn ze ook onbekend met die mogelijkheid. Daar moet dus nu verandering in komen.

Let op!Deze voorstellen zullen in de komende maanden nader uitgewerkt worden in een wetsvoorstel. Daarna toetst de arbeidsinspectie eerst de uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid en wordt het wetsvoorstel voorgelegd bij de Raad van State. Vervolgens moeten de Tweede en Eerste Kamer het wetsvoorstel nog behandelen en hierover stemmen.